Voor co-locatie in een datacenter zijn de meest geschikte storage-oplossingen afhankelijk van je werklasten, beschikbaarheidseisen en budget. Voor de meeste organisaties geldt: SAN-opslag biedt de beste combinatie van prestaties en flexibiliteit voor gedeelde omgevingen, terwijl NAS goed werkt voor bestandsgebaseerde opslag en DAS ideaal is voor single-servertoepassingen met een hoge doorvoersnelheid. All-flash storage is de voorkeurskeuze wanneer latentie en snelheid bovenaan de lijst staan.

Verkeerde storagekeuzes kosten je meer downtime dan je verwacht

Co-locatie betekent dat je hardware in een extern datacenter staat, maar dat de verantwoordelijkheid voor die hardware nog steeds bij jou ligt. Kies je de verkeerde storage-architectuur, dan merk je dat niet op het moment van aanschaf, maar op het moment dat een schijf uitvalt, een database vastloopt of een back-up niet terugzetbaar blijkt. De kosten van ongeplande downtime lopen snel op, zeker als je in een omgeving werkt waar beschikbaarheid bedrijfskritisch is. Wat je concreet kunt doen: breng je werklasten in kaart voordat je een storage-systeem kiest. Weet je welke applicaties de meeste I/O genereren, dan kun je gericht kiezen voor de architectuur die daarbij past.

Onderschatte schaalbaarheid houdt je groei tegen op het slechtste moment

Veel organisaties kopen storage op basis van hun huidige behoefte en lopen binnen twee jaar tegen de grenzen aan. In een co-locatieomgeving is uitbreiden lastiger dan in je eigen serverruimte: je hebt te maken met rackruimte, stroomlimieten en soms contractuele beperkingen. Dat maakt het nog belangrijker om bij aanschaf al na te denken over schaalbaarheid. De concrete stap die je kunt zetten: kies een storageplatform dat modulair uitbreidbaar is, zodat je capaciteit kunt toevoegen zonder het systeem volledig te vervangen. Dat bespaart je niet alleen geld, maar ook de operationele last van een migratie op een ongelegen moment.

Wat is co-locatie en welke eisen stelt het aan storage?

Co-locatie is een hostingmodel waarbij je eigen servers en storagehardware plaatst in een extern datacenter. Je huurt rackruimte, stroom en netwerkverbindingen, maar beheert de hardware zelf. Dit stelt specifieke eisen aan storage: hoge betrouwbaarheid, compacte afmetingen, energiezuinigheid en de mogelijkheid om op afstand te beheren.

Omdat je bij co-locatie niet zomaar even naar je hardware loopt, is de betrouwbaarheid van je storage-systeem extra belangrijk. Uitval betekent dat je een technicus ter plaatse moet sturen of een on-site servicepartner moet inschakelen. Redundantie, RAID-configuraties en hot-swapmogelijkheden zijn daarom geen luxe, maar een basisvereiste.

Daarnaast speelt energieverbruik een grote rol. Datacenters rekenen vaak per kilowatt aan verbruikte stroom. Storage-systemen met een hoge energiedichtheid of inefficiënte schijven drijven je maandelijkse kosten op. Moderne NVMe-gebaseerde storage is niet alleen sneller, maar ook energiezuiniger per terabyte dan oudere SAS-schijven.

Welke soorten storage-oplossingen zijn er voor in een datacenter?

In een datacenter zijn er drie hoofdcategorieën van storage-oplossingen: Direct Attached Storage (DAS), Network Attached Storage (NAS) en Storage Area Networks (SAN). Daarnaast kun je onderscheid maken naar opslagmedia: traditionele HDD’s, hybride combinaties en volledig flash-gebaseerde systemen zoals NVMe-SSD’s.

Elke categorie heeft zijn eigen toepassingsgebied. DAS is direct verbonden aan één server en levert de hoogste doorvoersnelheid zonder netwerkoverhead. NAS werkt via een standaard netwerk en is geschikt voor bestandsdeling tussen meerdere systemen. SAN biedt blokniveauopslag via een dedicated netwerk en is de standaard voor veeleisende databaseomgevingen en virtualisatieplatforms.

Naast de architectuurkeuze speelt het opslagmedium een grote rol. HDD’s bieden veel capaciteit voor een relatief lage prijs per terabyte, maar zijn trager en gevoeliger voor mechanische storingen. SSD’s en NVMe-schijven zijn sneller, stiller en robuuster, maar kosten meer. De marktprijzen voor flash storage zijn de afgelopen jaren sterk gestegen door schaarste en grote inkopers die hele productielijnen opkopen, wat de beschikbaarheid en prijs voor kleinere afnemers direct beïnvloedt.

Wat is het verschil tussen NAS, SAN en DAS in een datacenter?

Het belangrijkste verschil zit in hoe de storage verbonden is en hoe meerdere servers er toegang toe krijgen. DAS is direct aan één server gekoppeld. NAS deelt bestanden via een IP-netwerk. SAN levert blokniveauopslag via een dedicated netwerk, doorgaans Fibre Channel of iSCSI, en gedraagt zich voor de server alsof het een lokale schijf is.

In de praktijk betekent dit:

  • DAS is snel en eenvoudig, maar niet deelbaar. Geschikt voor standalone servers met intensieve lokale werklasten, zoals databases op één node.
  • NAS is flexibel en makkelijk te beheren. Ideaal voor gedeelde bestandsopslag, back-ups en archieven. Minder geschikt voor latentiegevoelige toepassingen.
  • SAN biedt de beste prestaties voor gedeelde omgevingen. Standaard in VMware-clusters, Oracle-databases en andere omgevingen waar meerdere servers tegelijk toegang nodig hebben tot dezelfde storage.

De keuze hangt af van je architectuur. Virtualisatieomgevingen draaien doorgaans het best op SAN of NVMe-over-Fabrics (NVMe-oF). Voor bestandsgebaseerde samenwerking of back-up is NAS de logischere keuze.

Hoe kies je de juiste storagecapaciteit voor co-locatie?

Bepaal de benodigde storagecapaciteit door te kijken naar drie factoren: huidige dataomvang, verwachte groei over minimaal drie jaar en de overhead die je nodig hebt voor RAID, snapshots en back-ups. Tel die samen op en voeg een buffer toe van minimaal 20 tot 30 procent.

Een veelgemaakte fout is rekenen met de ruwe capaciteit van schijven. In de praktijk verlies je een aanzienlijk deel aan RAID-pariteit, bestandssysteemoverhead en reserveruimte voor snapshots. Bij een RAID 6-configuratie over acht schijven gebruik je effectief zes schijven aan bruikbare ruimte. Dat klinkt logisch, maar wordt in de praktijk regelmatig onderschat bij de aanschaf.

Kijk ook naar de groeisnelheid van je data. Omgevingen die veel logbestanden, videobeelden of sensordata opslaan, groeien snel. Plan je voor drie jaar vooruit, dan is het verstandig om een schaalbaar platform te kiezen waarbij je capaciteit kunt toevoegen zonder migratie. In co-locatieomgevingen is een ongeplande migratie extra kostbaar vanwege de logistiek en het risico op downtime.

Wanneer is all-flash storage de betere keuze voor co-locatie?

All-flash storage is de betere keuze wanneer je werklasten hoge I/O-snelheden, lage latentie of hoge transactievolumes vereisen. Denk aan OLTP-databases, virtualisatieplatforms met veel actieve VM’s, real-time analytics en applicaties waarbij responstijd direct de gebruikerservaring beïnvloedt.

Traditionele HDD-gebaseerde storage heeft een mechanische beperking: de schijf moet fysiek draaien om data te lezen. Bij willekeurige lees- en schrijfbewerkingen, wat typisch is voor databases en gevirtualiseerde omgevingen, zorgt dit voor meetbare vertraging. All-flash systemen hebben die beperking niet en leveren consistent lage latentie, ongeacht het type werklast.

Daarnaast is all-flash in co-locatieomgevingen aantrekkelijk vanwege de hogere opslagdichtheid per rack unit en het lagere energieverbruik per terabyte. Minder ruimte en minder stroom betekent lagere co-locatiekosten op de lange termijn. De aanschafprijs ligt hoger dan bij hybride of HDD-oplossingen, maar de totale eigendomskosten over drie tot vijf jaar vallen voor veel werklasten gunstiger uit dan verwacht.

Voor archivering, cold storage of back-updoeleinden is all-flash minder relevant. Daar blijft capaciteit per euro de doorslaggevende factor, en HDD of tape bieden dan meer voor je geld.

Welke fouten worden het vaakst gemaakt bij storage in co-locatie?

De meest voorkomende fouten bij storage in co-locatie zijn: te weinig capaciteitsbuffer plannen, geen rekening houden met netwerktopologie, RAID verwarren met back-up, en kiezen voor een platform dat niet op afstand te beheren is. Elk van deze fouten leidt tot operationele problemen die achteraf duur zijn om op te lossen.

RAID is geen back-up. RAID beschermt je tegen schijfuitval, maar niet tegen menselijke fouten, ransomware of datacorruptie. Toch zien we regelmatig dat organisaties RAID als hun enige databescherming inzetten. Een goede back-upstrategie met offsite- of cloudreplicatie is een aparte laag die naast RAID moet bestaan.

Een andere veelgemaakte fout is het kiezen van storage zonder out-of-bandbeheermogelijkheden. In een co-locatieomgeving moet je systeem op afstand te beheren zijn, ook als het besturingssysteem niet meer reageert. Supermicro-systemen bieden hiervoor standaard IPMI-functionaliteit, wat remote toegang tot het systeem garandeert, ongeacht de status van de software.

Tot slot onderschatten veel organisaties de impact van netwerktopologie op storageprestaties. Een SAN of NAS die via een overbelast netwerksegment communiceert, levert in de praktijk veel minder dan de specificaties op papier beloven. Zorg voor dedicated netwerksegmenten voor storageverkeer en dimensioneer de bandbreedte op basis van piekbelasting, niet op gemiddeld gebruik.

Wil je weten welke storage-oplossingen het beste passen bij jouw co-locatieomgeving? Wij helpen je graag bij het kiezen van de juiste configuratie, van capaciteitsplanning tot de keuze tussen NAS, SAN of all-flash. Bij NCS International configureren wij elk systeem op maat, zodat je niet betaalt voor wat je niet nodig hebt en niet tekortkomt wanneer het er echt op aankomt. Neem contact op en we denken graag met je mee.

Veelgestelde vragen

Hoe combineer ik verschillende storage-typen (DAS, NAS, SAN) slim in één co-locatieomgeving?

Je hoeft niet te kiezen voor één enkel storage-type; de meeste productieomgevingen gebruiken een combinatie. Een veelgebruikte aanpak is SAN voor je primaire werklasten en gevirtualiseerde omgevingen, NAS voor back-ups en gedeelde bestandsopslag, en DAS voor specifieke high-throughput servers. Door elke laag af te stemmen op het bijbehorende gebruik, optimaliseer je zowel kosten als prestaties zonder concessies te doen aan beschikbaarheid.

Wat is NVMe-oF en wanneer is het relevant voor mijn co-locatieomgeving?

NVMe over Fabrics (NVMe-oF) is een netwerkprotocol dat de snelheid van lokale NVMe-schijven beschikbaar maakt over een netwerk, vergelijkbaar met hoe SAN werkt maar met aanzienlijk lagere latentie. Het is relevant wanneer je meerdere servers gedeelde toegang nodig hebben tot flash storage met sub-milliseconde responstijden, zoals bij grootschalige virtualisatie of real-time databases. Voor kleinere omgevingen is traditioneel iSCSI-SAN vaak nog voldoende en kostenefficiënter.

Hoe richt ik een goede back-upstrategie in naast mijn RAID-configuratie in een co-locatieomgeving?

Volg de 3-2-1-regel: bewaar minimaal drie kopieën van je data, op twee verschillende media, waarvan één offsite of in de cloud. In een co-locatieomgeving betekent dit concreet: primaire data op je productiestorage, een lokale back-up op NAS binnen hetzelfde datacenter, en een externe replicatie naar een clouddienst of een tweede locatie. Zorg er ook voor dat je back-ups regelmatig test op terugzetbaarheid, want een back-up die je niet kunt terugzetten, is geen back-up.

Welke monitoring- en beheertools zijn aan te raden voor storage op afstand in een co-locatieomgeving?

Voor out-of-band beheer is IPMI (beschikbaar op onder andere Supermicro-systemen) een basisvereiste, zodat je toegang houdt tot je hardware ongeacht de softwarestatus. Combineer dit met een storage-managementplatform dat SNMP-alerts, capaciteitsrapporten en prestatiegrafieken biedt, zoals iDRAC voor Dell, HPE OneView of de ingebouwde beheerinterface van je NAS- of SAN-fabrikant. Stel drempelwaardealarmen in voor schijfgezondheid, capaciteitsbenutting en latentie, zodat je proactief kunt ingrijpen voordat een probleem escaleert.

Hoe beïnvloeden de contractvoorwaarden van een co-locatiedatacenter mijn storage-keuzes?

Co-locatiecontracten leggen doorgaans limieten op aan rackruimte (U-hoogte), stroomverbruik (kW per rack) en soms het gewicht per rack. Dit heeft directe invloed op je storage-keuze: een high-density all-flash systeem past in minder U-ruimte dan een equivalent HDD-systeem, maar kan een hogere piekstroom vragen. Lees je contract goed door op het gebied van power delivery units (PDU's), koeling en uitbreidingsopties voordat je hardware aanschaft, zodat je niet voor verrassingen komt te staan bij een geplande uitbreiding.

Wat is de beste aanpak als mijn storage-systeem in het datacenter onverwacht uitvalt en ik geen technicus ter plaatse heb?

Zorg vooraf voor een duidelijk escalatieplan: sluit een hardware support-contract af met een gegarandeerde responstijd (NBD of 4-hour on-site) bij je leverancier of een lokale servicepartner die in het datacenter mag werken. Bewaar altijd een hotspare-schijf in het rack, zodat een technicus deze direct kan plaatsen zonder te wachten op levering. Documenteer je RAID-configuratie, firmwareversies en systeeminstellingen op een externe locatie, zodat herstel snel en foutloos kan verlopen.

Wanneer is het zinvol om storage-as-a-service of cloudopslag te combineren met mijn co-locatie-infrastructuur?

Storage-as-a-service of cloudopslag is een zinvolle aanvulling voor data met een lage toegangsfrequentie, zoals archieven, logs en cold back-ups, waarbij capaciteit per euro belangrijker is dan snelheid. Daarnaast biedt cloud-replicatie een eenvoudige oplossing voor geografische redundantie zonder dat je een tweede fysieke locatie hoeft te beheren. Houd wel rekening met de kosten van data-egress bij grote volumes: het opslaan van data in de cloud is goedkoop, maar het terugzetten van grote hoeveelheden data kan onverwacht duur uitvallen.

Gerelateerde artikelen

NCS International

Den Sliem 89
7141 JG Groenlo
The Netherlands
+31 544 470 000
info@ncs.nl

Meer berichten

Wat is een GPU-server?

GPU-servers verwerken duizenden berekeningen parallel — ontdek wanneer ze onmisbaar zijn voor jouw organisatie.


read more

Wat is een AI-server?

Wat is een AI-server en wanneer heb je er een nodig? Ontdek de techniek, hardware en toepassingen.


read more