8 augustus 2026
De juiste storage-oplossing voor back-up en archivering hangt af van twee factoren: hoe snel je toegang nodig hebt tot je data en hoe lang je die data wilt bewaren. Voor back-up kies je storage die snel herstel mogelijk maakt, zoals een NAS of een dedicated back-upappliance. Voor archivering gaat het om goedkope, duurzame opslag die je zelden raadpleegt, zoals object storage of tape-oplossingen. Combineer je beide behoeften, dan heb je vaak twee aparte storage-lagen nodig.
Veel organisaties gebruiken dezelfde storage voor back-up én archivering. Dat klinkt logisch, maar in de praktijk komt het je duur te staan. Back-updata heeft hoge schrijf- en leessnelheden nodig om herstel binnen acceptabele tijdsvensters mogelijk te maken. Archiefdata heeft die snelheid niet nodig, maar moet wel jarenlang betrouwbaar en goedkoop beschikbaar blijven. Als je alles op één systeem zet, betaal je óf te veel voor dure, snelle opslag die je archieven niet nodig hebben, óf je compromitteert je hersteltijden omdat je back-up draait op langzame, goedkope storage. De oplossing: definieer eerst welke data welk herstelgedrag vereist en kies daarna pas je storage-architectuur.
Organisaties onderschatten structureel hoeveel opslagcapaciteit ze nodig hebben voor back-up en archivering. Data groeit sneller dan verwacht, retentiebeleid wordt aangescherpt door wet- en regelgeving, en compressie- of deduplicatieratio’s vallen in de praktijk lager uit dan de specificaties suggereren. Het gevolg: je storage zit vol op het moment dat je die het hardst nodig hebt, je moet noodaankopen doen tegen hogere prijzen, of je snoeit in je retentieperiodes. Plan altijd met een groeifactor van minimaal twee tot drie jaar vooruit en neem schaalbaarheid als harde eis mee bij de aanschaf van je storage-oplossing.
Back-up is een kopie van actieve data die je snel kunt terugzetten bij verlies of corruptie. Archivering is het langdurig bewaren van data die je niet meer actief gebruikt, maar wel moet kunnen raadplegen. Back-up is gericht op herstel, archivering op retentie. De twee stellen andere eisen aan storage qua snelheid, kosten en toegankelijkheid.
Een back-up maak je regelmatig, vaak dagelijks of zelfs elk uur, en je verwacht dat je die data snel kunt terugzetten als er iets misgaat. De storage moet dus voldoende schrijf- en leessnelheid bieden om hersteltijden binnen je RTO (Recovery Time Objective) te houden.
Archiefdata verplaats je juist weg van je primaire systemen omdat je er nauwelijks nog bij hoeft. Denk aan afgeronde projecten, fiscale administratie of medische dossiers die je wettelijk verplicht bent te bewaren. Hier telt de prijs per terabyte zwaarder dan toegangssnelheid. Verwar de twee niet: archiefdata als back-up gebruiken werkt niet, en je back-upstorage gebruiken als archief is onnodig duur.
De meest gebruikte storage-oplossingen voor back-up en archivering zijn NAS (Network Attached Storage), object storage, SAN (Storage Area Network), tape-oplossingen en cloudstorage. Elke optie heeft een ander profiel qua kosten, snelheid en schaalbaarheid. De keuze hangt af van je datahoeveelheid, toegangspatroon en bewaarperiode.
Hier is een overzicht van de meest voorkomende opties:
In de praktijk combineren de meeste organisaties twee of meer van deze opties in een gelaagde storage-architectuur, ook wel tiered storage genoemd.
Kies voor NAS als je regelmatig toegang nodig hebt tot je back-updata en werkt met traditionele bestandsprotocollen zoals SMB of NFS. Kies voor object storage als je grote hoeveelheden data langdurig wilt bewaren tegen lage kosten en toegang via een API acceptabel is. Object storage schaalt beter; NAS is eenvoudiger te beheren.
NAS is de vertrouwde keuze voor omgevingen die al werken met Windows- of Linux-bestandssystemen en geen zin hebben in complexe integraties. Je back-upsoftware sluit er direct op aan, herstel is snel en beheer is laagdrempelig. Voor back-up van werkstations, fileservers en kleinere virtuele omgevingen is NAS vaak de meest praktische keuze.
Object storage wordt interessant zodra je datahoeveelheden richting tientallen of honderden terabytes gaan, of als je een moderne back-upapplicatie gebruikt die S3-compatibele opslag ondersteunt. Denk aan Veeam, Commvault of Veritas. Object storage biedt ook ingebouwde redundantie en geografische spreiding, wat het aantrekkelijk maakt als archieflaag voor compliance-gedreven omgevingen zoals ziekenhuizen of financiële instellingen.
De benodigde opslagcapaciteit bereken je op basis van je databron, retentieperiode en de effectiviteit van compressie en deduplicatie. Een vuistregel: reken op twee tot vijf keer de omvang van je primaire data voor back-up, en plan voor archivering op basis van je wettelijke bewaarplicht plus verwachte datagroei.
Begin met een inventarisatie van wat je wilt beschermen: hoeveel data staat er op je productiesystemen, hoe snel groeit die data en hoe lang wil je back-ups bewaren? Als je dagelijks een back-up maakt en die dertig dagen wilt bewaren, heb je al snel tien tot twintig keer je primaire datavolume nodig, afhankelijk van hoeveel data dagelijks verandert.
Voor archivering tel je de wettelijke bewaarplicht op bij je verwachte groei. In Nederland geldt voor fiscale administratie een bewaartermijn van zeven jaar; voor medische dossiers geldt twintig jaar. Reken altijd met een buffer van minimaal twintig procent boven op je berekende behoefte en kies storage die je kunt uitbreiden zonder de architectuur te hoeven vervangen.
De meest voorkomende fouten zijn: te weinig capaciteit plannen, geen rekening houden met herstelsnelheid, back-up en archivering op dezelfde storage zetten, geen offsite of offline kopie hebben en de total cost of ownership onderschatten door alleen naar de aanschafprijs te kijken.
Specifiek terugkerende problemen in de praktijk:
De juiste storage-oplossing kies je door vier vragen te beantwoorden: Welke data wil je beschermen? Hoe snel moet je kunnen herstellen? Hoe lang bewaar je de data? En hoe groot is je budget, inclusief beheer en uitbreiding? Vanuit die antwoorden bepaal je de architectuur, niet andersom.
Werk het als volgt uit:
Als je twijfelt over de juiste keuze voor jouw specifieke omgeving, helpen wij je graag verder. Bij NCS International configureren wij storage-oplossingen volledig op maat, van NAS en object storage tot complete gelaagde back-uparchitecturen op basis van Supermicro-hardware. Geen standaardmodellen, maar een configuratie die past bij wat jij nu nodig hebt én bij wat je over drie jaar nodig zult hebben. Neem contact op en vertel ons wat je wilt beschermen. Dan denken wij mee over de rest.
Het 3-2-1-principe betekent dat je drie kopieën van je data bewaart, op twee verschillende opslagmedia, waarvan één kopie zich offsite bevindt. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld een primaire back-up op een lokale NAS, een tweede kopie op een back-upappliance of tape, en een derde kopie in de cloud of op een externe locatie. Deze aanpak beschermt je tegen hardware-uitval, ransomware én locatiegebonden rampen zoals brand of overstroming. Begin met het in kaart brengen van je huidige situatie en identificeer welke van de drie lagen ontbreekt.
Je RTO (Recovery Time Objective) bepaal je door te vragen: hoeveel uur of minuten mag een systeem maximaal uitvallen voordat het bedrijfsschade oplevert? Je RPO (Recovery Point Objective) bepaal je door te vragen: hoeveel dataverlies is acceptabel, gemeten in tijd? Een webshop kan een RPO van één uur hebben, terwijl een administratiekantoor misschien prima functioneert met een RPO van 24 uur. Leg deze waarden vast per systeem of applicatie, want niet alle data heeft dezelfde kritikaliteit. Vanuit die getallen kies je pas welke storage-prestaties en back-upfrequentie je nodig hebt.
Dat hangt sterk af van je datavolume en hoe vaak je archiefdata opvraagt. Cloudstorage lijkt goedkoop door de lage instapprijs per terabyte, maar de kosten voor data-retrieval (egress) kunnen bij grote hoeveelheden fors oplopen. Voor archivering van meerdere honderden terabytes over een periode van zeven jaar of langer is on-premises object storage of tape vaak goedkoper in total cost of ownership. Maak altijd een vijfjaarsberekening die opslag, beheer, uitbreiding én retrieval meeneemt voordat je een keuze maakt.
Test dit door een hersteltest uit te voeren en de tijd te meten die nodig is om een representatieve dataset terug te zetten, bijvoorbeeld een volledige virtuele machine of een kritische database. Vergelijk die gemeten hersteltijd met je vastgestelde RTO. Als de hersteltijd structureel boven je RTO uitkomt, is je storage te langzaam of is je back-uparchitectuur niet optimaal ingericht. Voer hersteltest minimaal twee keer per jaar uit, want een back-up die je niet kunt terugzetten is geen back-up.
Compliance-gedreven omgevingen stellen extra eisen aan onveranderlijkheid (immutability), auditbaarheid en toegangsbeveiliging van opgeslagen data. Kies storage die WORM-functionaliteit (Write Once, Read Many) ondersteunt zodat archiefdata niet achteraf gewijzigd of verwijderd kan worden. Zorg daarnaast voor versleuteling van data at rest en in transit, toegangslogging en een gedocumenteerd retentiebeleid dat aansluit op de geldende wet- en regelgeving, zoals de AVG, NEN 7510 voor de zorg of DORA voor financiële instellingen. Leg deze vereisten vast vóór de aanschaf van je storage-oplossing, zodat je niet achteraf duur moet aanpassen.
Veel NAS-systemen zijn uitbreidbaar via extra schijven of expansie-units, maar er zit een plafond aan de schaalbaarheid qua capaciteit en prestaties. Zodra je richting de tientallen terabytes gaat of je hersteltijden oplopen door de toegenomen dataomvang, is het verstandig om te evalueren of een gelaagde architectuur met aanvullende object storage of een dedicated back-upappliance meer toekomstbestendig is. Plan deze evaluatie proactief in, bij voorkeur wanneer je storage voor zestig tot zeventig procent gevuld is, zodat je niet onder tijdsdruk een noodaankoop hoeft te doen.
Een veelgemaakte misvatting is dat SaaS-leveranciers verantwoordelijk zijn voor de back-up van jouw data. In werkelijkheid bieden platforms zoals Microsoft 365 alleen beperkte herstelvensters en geen volwaardige back-upfunctionaliteit. Je bent zelf verantwoordelijk voor de bescherming van je SaaS-data. Gebruik hiervoor een dedicated SaaS-back-upoplossing zoals Veeam Backup for Microsoft 365 of een vergelijkbare tool, en sla de back-ups op in je eigen storage-omgeving of in een gecontroleerde cloudlaag. Neem SaaS-data expliciet mee in je bredere back-up- en archiveringstrategie.
Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.
Den Sliem 89
7141 JG Groenlo
The Netherlands
+31 544 470 000
info@ncs.nl
GPU-servers verwerken duizenden berekeningen parallel — ontdek wanneer ze onmisbaar zijn voor jouw organisatie.
Wat is een AI-server en wanneer heb je er een nodig? Ontdek de techniek, hardware en toepassingen.