Supermicro biedt directe vloeistofkoeling (DLC) in meerdere serverlijnen, waaronder de BigTwin, GPU-servers uit de SYS-X- en A+-serie, en gespecialiseerde AI-platforms. DLC is beschikbaar voor systemen met hoge thermische belasting, zoals servers met meerdere Nvidia GPU’s of krachtige AMD EPYC- en Intel Xeon-processors. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over Supermicro directe vloeistofkoeling, van technische werking tot datacenterinfrastructuur.

Welke Supermicro-serverlijnen zijn uitgerust met DLC-ondersteuning?

Supermicro DLC-ondersteuning is beschikbaar in de GPU-geoptimaliseerde SYS-X-serie, de BigTwin-multi-nodeplatforms, en de A+-serie met AMD EPYC-processors. Daarnaast biedt Supermicro specifieke AI-platforms zoals de SYS-221GE en verwante systemen met geïntegreerde koelplaten voor CPU’s en GPU’s. Deze serverlijnen zijn ontworpen voor omgevingen waar luchtkoeling thermisch onvoldoende is.

De Supermicro liquid-coolingportfolio groeit snel, mede doordat AI-workloads steeds hogere TDP-waarden vereisen. Moderne GPU’s zoals de Nvidia H100 en de nieuwere B-serie genereren zoveel warmte dat traditionele luchtkoeling simpelweg onvoldoende wordt. Supermicro speelt hierop in door DLC-ready platforms aan te bieden waarbij koelplaten rechtstreeks op CPU’s, GPU’s en soms ook geheugenmodules zijn gemonteerd.

Wij leveren bij NCS International de volledige Supermicro DLC-productlijn en configureren elk systeem op basis van jouw specifieke werklast en datacenteromgeving. Van compacte GPU-nodes tot volledige multi-rack AI-clusters.

Hoe werkt directe vloeistofkoeling in een Supermicro-server?

Directe vloeistofkoeling in een Supermicro-server werkt door gedemineraliseerd water of een koelvloeistofmengsel via een gesloten circuit door koelplaten te pompen die direct op warmtebronnen zoals CPU’s en GPU’s zijn bevestigd. De vloeistof absorbeert de warmte, transporteert die naar een warmtewisselaar buiten de server en keert afgekoeld terug. De lucht in de serverruimte hoeft hierdoor nauwelijks nog te koelen.

Het systeem bestaat uit drie kerncomponenten: de koelplaten (cold plates) op de componenten zelf, de leidingen die vloeistof transporteren, en een Coolant Distribution Unit (CDU) die de vloeistof circuleert en koelt. In een datacenteropstelling is de CDU verbonden met het gebouwkoelcircuit of een droge koeler buiten het gebouw.

Een belangrijk voordeel van dit principe is dat de warmte uiterst efficiënt wordt afgevoerd, direct bij de bron. Vloeistof heeft een veel hogere warmtecapaciteit dan lucht, waardoor componenten kouder blijven onder zware belasting. Dit verlengt de levensduur van hardware en maakt stabielere kloksnelheden mogelijk, wat voor AI-training en HPC-workloads direct meetbaar prestatieverschil oplevert.

Wat is het verschil tussen directe vloeistofkoeling en immersiekoeling bij Supermicro?

Het belangrijkste verschil is dat directe vloeistofkoeling (DLC) koelplaten gebruikt die op specifieke componenten zijn gemonteerd, terwijl immersiekoeling de volledige server onderdompelt in een diëlektrische vloeistof. DLC is modulair inzetbaar in bestaande racks, immersiekoeling vereist speciale tanks en een volledig andere infrastructuur. Voor de meeste datacenters is DLC de praktisch haalbare eerste stap.

Directe vloeistofkoeling (DLC)

Bij DLC blijft de server in een standaard rack staan. Alleen de warmste componenten worden via koelplaten actief gekoeld door vloeistof. De rest van de server kan aanvullend nog luchtgekoeld worden. Dit maakt DLC compatibel met bestaande datacenterinfrastructuur en verlaagt de drempel voor implementatie aanzienlijk. Supermicro biedt DLC-ready systemen die aansluiten op standaard CDU-configuraties.

Immersiekoeling

Immersiekoeling gaat verder: de volledige server wordt in een bad met diëlektrische vloeistof geplaatst. Dit biedt maximale koelefficiëntie en elimineert ventilatoren volledig, maar vereist gespecialiseerde tanks, aangepaste hardware en een andere bedrijfsvoering. De investering in infrastructuur is aanzienlijk hoger. Supermicro biedt ook immersiecompatibele systemen, maar dit is voor de meeste organisaties pas relevant bij extreem hoge densiteiten of specifieke efficiëntiedoelstellingen.

Welke GPU-servers van Supermicro profiteren het meest van vloeistofkoeling?

GPU-servers van Supermicro die het meest profiteren van vloeistofkoeling zijn systemen met vier of meer high-end GPU’s, zoals de SYS-421GE en vergelijkbare platforms met Nvidia H100, H200 of de nieuwste B-seriekaarten. Deze GPU’s produceren zo veel warmte dat luchtkoeling de prestaties beperkt door thermische throttling. Vloeistofkoeling houdt GPU’s op maximale kloksnelheid, wat directe invloed heeft op AI-trainingstijden en inferentieprestaties.

Supermicro is als eerste fabrikant met ondersteuning voor de nieuwste Nvidia GPU-generaties op de markt, ruim voordat merken als HP en Dell die mogelijkheid bieden. Dat betekent dat organisaties die de nieuwste AI-hardwareoplossingen nodig hebben, bij ons terecht kunnen op het moment dat die hardware beschikbaar komt, inclusief bijpassende DLC-configuraties.

Ook servers voor LLM-inferentie, grootschalige beeldverwerking en wetenschappelijke simulaties vallen in deze categorie. De hoge en continue GPU-belasting bij deze workloads maakt thermisch management tot een kritieke factor voor zowel prestaties als hardwarelevensduur.

Welke datacenterinfrastructuur heb je nodig voor Supermicro vloeistofkoeling?

Voor Supermicro directe vloeistofkoeling heb je minimaal een Coolant Distribution Unit (CDU), geïsoleerde vloeistofleidingen naar de racks, en een warmteafvoersysteem zoals een droge koeler of aansluiting op het gebouwkoelcircuit nodig. Daarnaast zijn speciale manifolds per rack vereist om meerdere servers op één koelcircuit aan te sluiten. De eisen aan de stroominfrastructuur blijven gelijk aan luchtgekoelde systemen.

De CDU is het hart van het systeem. Dit apparaat regelt de vloeistofdruk, temperatuur en doorstroomsnelheid. Supermicro werkt samen met CDU-leveranciers zoals CoolIT en Motivair, maar de serverplatforms zijn ook compatibel met andere CDU-systemen die voldoen aan de technische specificaties.

Bestaande datacenters hoeven niet volledig te worden verbouwd om DLC te implementeren. Veel organisaties kiezen voor een hybride aanpak: DLC voor de zwaarste GPU-nodes, luchtkoeling voor de rest van de infrastructuur. Dit maakt een gefaseerde uitrol mogelijk zonder grote kapitaaluitgaven in één keer. Wel is het verstandig om bij de planning rekening te houden met lekdetectie, onderhoudsprocedures voor vloeistofleidingen en de kwaliteitsbewaking van de koelvloeistof.

Wanneer is directe vloeistofkoeling de betere keuze dan luchtkoeling?

Directe vloeistofkoeling is de betere keuze dan luchtkoeling wanneer de thermische dissipatie per server boven de 300 watt per GPU uitkomt, wanneer hoge rackdichtheid luchtcirculatie belemmert, of wanneer energiekosten een strategische prioriteit zijn. Bij AI-training, HPC en grootschalige inferentie is DLC vrijwel altijd de efficiëntere en betrouwbaardere oplossing op de lange termijn.

Luchtkoeling voldoet prima voor servers met lagere TDP-waarden en omgevingen waar de rackdichtheid beperkt blijft. Zodra je echter meerdere krachtige GPU’s per server plaatst, of meerdere GPU-servers per rack, wordt luchtkoeling al snel de beperkende factor. Ventilatoren draaien op maximale snelheid, het geluidsniveau stijgt, en de koelefficiëntie daalt juist wanneer de belasting het hoogst is.

Vanuit kostenoogpunt is DLC initieel duurder door de benodigde infrastructuur, maar de lagere energiekosten voor koeling en de hogere hardwarebetrouwbaarheid zorgen op middellange termijn voor gunstige totale eigendomskosten. Zeker in een markt waar energieprijzen hoog blijven en hardwareprijzen onder druk staan door schaarste en grote inkopers die volledige productielijnen opkopen, weegt de efficiëntiewinst van vloeistofkoeling steeds zwaarder mee in de businesscase.

Voor opslagoplossingen en andere onderdelen van je infrastructuur geldt dezelfde afweging: kies de koelstrategie die past bij de thermische werkelijkheid van je specifieke hardware, niet bij de standaardinrichting van vijf jaar geleden.

Veelgestelde vragen

Hoe lang duurt de installatie van een Supermicro DLC-systeem in een bestaand datacenter?

De doorlooptijd voor een DLC-implementatie in een bestaand datacenter varieert doorgaans van enkele dagen tot enkele weken, afhankelijk van de schaal en de bestaande infrastructuur. Een enkelvoudige rack-opstelling met een CDU kan in sommige gevallen binnen twee tot drie werkdagen operationeel zijn, mits de vloeistofaansluitingen en stroomvoorziening al aanwezig zijn. Bij grotere uitrolprojecten met meerdere racks en een nieuw te installeren koelcircuit is het verstandig om een gedetailleerd implementatieplan op te stellen, inclusief een testfase voor lekdetectie voordat de servers worden ingeschakeld.

Wat zijn de meest voorkomende fouten bij de eerste implementatie van vloeistofkoeling?

Een veelgemaakte fout is het onderschatten van de vereiste CDU-capaciteit: organisaties schaffen een CDU aan op basis van de huidige serverbelasting, zonder rekening te houden met toekomstige uitbreiding. Daarnaast wordt lekdetectie regelmatig over het hoofd gezien als onderdeel van de initiële infrastructuurplanning, terwijl dit essentieel is voor een veilige bedrijfsvoering. Een derde valkuil is het gebruik van onjuiste of onvoldoende gedemineraliseerd water, wat op termijn corrosie in de koelplaten en leidingen kan veroorzaken.

Kan ik mijn bestaande Supermicro-servers ombouwen naar vloeistofkoeling, of heb ik nieuwe hardware nodig?

In de meeste gevallen heb je DLC-ready hardware nodig, omdat de koelplaten en interne leidingstructuur specifiek voor dat serverplatform zijn ontworpen en niet eenvoudig achteraf te monteren zijn op standaard luchtgekoelde modellen. Sommige Supermicro-platforms bieden een upgrade-pad waarbij koelplaten kunnen worden toegevoegd, maar dit is platformafhankelijk en vereist verificatie per servermodel. Het is daarom verstandig om bij nieuwe GPU-serveraankopen altijd te kiezen voor een DLC-ready configuratie, zodat je de optie openhoudt zonder volledige hardwarevervanging.

Welke onderhoudswerkzaamheden komen kijken bij een Supermicro DLC-systeem?

De belangrijkste onderhoudstaken zijn het periodiek controleren en bijvullen van de koelvloeistof, het bewaken van de vloeistofkwaliteit om corrosie en biologische groei te voorkomen, en het inspecteren van koppelingen en leidingen op lekkage. De CDU zelf vereist ook regelmatig onderhoud, vergelijkbaar met andere mechanische koelsystemen, zoals het controleren van pompen en filters. Over het algemeen is het onderhoudsinterval voor een goed gedimensioneerd DLC-systeem vergelijkbaar met dat van traditionele koelinfrastructuur, maar de gevolgen van verwaarlozing zijn groter vanwege de directe impact op serverhardware.

Heeft vloeistofkoeling invloed op de garantie of ondersteuning van mijn Supermicro-servers?

Zolang je gebruikmaakt van door Supermicro goedgekeurde DLC-configuraties en de hardware op de juiste manier installeert, heeft vloeistofkoeling geen negatieve invloed op de fabrieksgarantie. Supermicro ontwerpt zijn DLC-ready platforms specifiek voor gebruik met vloeistofkoeling en garandeert de werking binnen de opgegeven specificaties. Het is wel belangrijk om de aanbevolen koelvloeistoffen en drukspecificaties te respecteren, want afwijkingen hiervan kunnen de garantie ongeldig maken.

Hoe verhoudt het energieverbruik van een DLC-systeem zich tot luchtkoeling in de praktijk?

In de praktijk kan directe vloeistofkoeling de koelgerelateerde energiekosten met 30 tot 50 procent verlagen ten opzichte van traditionele luchtkoeling, afhankelijk van de rackdichtheid en het klimaat van de datacenterlocatie. Dit komt doordat vloeistofkoeling warmte veel efficiënter afvoert, waardoor ventilatoren minder hard hoeven te draaien of zelfs grotendeels overbodig worden. De PUE (Power Usage Effectiveness) van een datacenter kan hierdoor significant dalen, wat bij grote GPU-clusters neerkomt op aanzienlijke besparingen op jaarbasis.

Is vloeistofkoeling ook geschikt voor kleinere organisaties, of is het alleen interessant voor grote hyperscalers?

Vloeistofkoeling is zeker niet exclusief voor hyperscalers; ook middelgrote organisaties die intensieve AI- of HPC-workloads draaien, kunnen er direct voordeel uit halen. De instapdrempel is de afgelopen jaren aanzienlijk verlaagd doordat CDU’s en manifolds beschikbaar zijn voor single-rack-implementaties, zonder dat een volledig datacenterontwerp nodig is. Voor organisaties die met één of twee GPU-racks beginnen, is een hybride aanpak, waarbij alleen de zwaarste nodes vloeistofgekoeld worden, een kosteneffectieve manier om de technologie te adopteren zonder grote initiële investeringen.

Gerelateerde artikelen

NCS International

Den Sliem 89
7141 JG Groenlo
The Netherlands
+31 544 470 000
info@ncs.nl

Meer berichten

Wat is een GPU-server?

GPU-servers verwerken duizenden berekeningen parallel — ontdek wanneer ze onmisbaar zijn voor jouw organisatie.


read more

Wat is een AI-server?

Wat is een AI-server en wanneer heb je er een nodig? Ontdek de techniek, hardware en toepassingen.


read more